14 juli 2007, NRC Handelsblad, 1000 woorden:
Prothese met rafelrand, Tussenwervelschijf van kunststof geeft slechte resultaten
Het leek zo’n goed idee, kunststof tussenwervelschijven als oplossing voor
ernstige rugslijtage.
Maar de kunstschijf slijt ook, zeggen chirurgen.
Tussenwervelschijven van kunststof geven ernstige complicaties, bij zeker
één op de tien rugpatiënten, gemiddeld 4,5 jaar nadat zo’n ‘discusprothese’
is geplaatst. Orthopedisch chirurg André van Ooij van het Academisch
Ziekenhuis Maastricht heeft nog nooit “patiënten met zulke slechte ruggen”
gezien, zegt hij. De patiënten waren naar Van Ooij verwezen door het
Maaslandziekenhuis in Sittard waar de prothese oorspronkelijk was geplaatst,
door de tegenwoordig in de Münchense Alpha Klinik – veel bezocht door
Nederlandse rugpatiënten – werkzame Nederlandse arts Willem Zeegers.
In het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG) van vandaag beschrijft
Van Ooij samen met Utrechtse collega’s 67 van die patiënten met klachten
over hun discusprothese. Bij 21 van de patiënten moest de prothese weer
worden verwijderd, vaak vanwege ernstige slijtage of scheuren in de
kunststof. Bij 35 was de prothese om naastliggende wervels weggezakt, en 24
patiënten hadden ernstige pijn door slijtage van de facetgewrichtjes van de
wervels. Dat zijn kleine gewrichten aan de uitsteeksels aan de achterkant
van de ruggengraat.
Van Ooij: “Die kleine gewrichtjes zijn essentieel voor het geleiden van de
bewegingen in de wervelkolom. Doordat bij het plaatsen van de discusprothese
de voorste bindweefselband en de buitenring bij de tussenwervelschijf worden
weggesneden, is de rug na de ingreep overmatig beweeglijk. De prothese houdt
dat niet tegen. Uiteindelijk verslijten dan die facetgewrichtjes. Dat kan
verschrikkelijk pijnlijk zijn.”
De patiënten gaven hun pijn gemiddeld een cijfer acht op een schaal van
tien.
Van Ooij benadrukt dat er niets mankeert aan de techniek van de artsen in de
Alpha-kliniek. “Ze hebben meer rugpatiënten geopereerd dan wie ook ter
wereld”, benadrukt hij. “Het probleem zit in de methode. Ik zet veel
vraagtekens bij het prothesemateriaal, bij de keuze van de patiënten en bij
het uiteindelijk instabiele resultaat.”
tevreden
De Nederlandse orthopedisch chirurg Willem Zeegers, die eerst in Sittard en nu in de Alpha Klinik
discusprothesen plaatst, vindt Van Ooij veel te negatief. Hij wijst erop dat
85 procent van de door hem geopereerde patiënten zeer tevreden is. Van te
voren waarschuwt hij dat de rugpijn niet bij iedereen verdwijnt. Gegevens
over complicaties heeft Zeegers niet.
Tussenwervelschijven bestaan uit een sterke buitenlaag van bindweefsel met
een geleiachtige kern (nucleus pulposus). Ze zijn enigszins elastisch en fungeren zo als schokdemper voor de rug. Bij
een discusprolaps (hernia nuclei pulposi) puilt de geleikern door de
bindweefselring naar buiten en kan dan druk uitoefenen op zenuwwortels. Dat
leidt tot hevige, uitstralende pijn, tintelingen en in het ergste geval
plaatselijke gevoelloosheid.
Bij de meeste patiënten herstelt de rug door een combinatie van
pijnstilling, oefentherapie en eventueel gedragstherapie. discusprothese Als
mensen met echt chronische invaliderende rugklachten op geen enkele
behandeling reageren, worden soms twee of meer wervels operatief aan elkaar
vastgezet (spondylodese). De resultaten daarvan vallen vaak tegen. Daarom
pleiten sommige artsen voor de discusprothese als beweeglijk alternatief. In
Duitsland en de Verenigde Staten wordt de zogenoemde Charité-prothese vaak
gebruikt, genoemd naar de Berlijnse kliniek waar deze is ontwikkeld. Deze
prothese bestaat uit metalen onder- en bovenplaatjes waartussen een kern van
polyethyleen zit. De Charité-prothese is in 2005 goedgekeurd door de
Amerikaanse Food and Drug Administration op grond van de resultaten na twee
jaar.
Goed lange-termijnonderzoek is schaars. Bij 53 patiënten die 17 jaar geleden
zo’n prothese in het Berlijnse universiteitsziekenhuis Charité kregen waren
de resultaten slecht. Bij viervijfde van de patiënten was de prothese
inmiddels verbeend. Die functioneerde dus niet meer. De anderen hadden pijn.
Van Ooij zag bij negen patiënten zulke rafelige prothesen dat er een
ontstekingsreactie omheen was ontstaan met kleine losliggende
polyethyleendeeltjes.
Van Ooij: “Dat is volstrekt nieuw.
Tot voor kort werd gezegd dat dit niet kon.”
Op de website van de Münchense Alpha- klinik staan juichende verhalen van
rugpatiënten die dankzij hun prothese weer kunnen skiën, paardrijden of
wielrennen.
“Niet te geloven! Vijf maanden geleden een tussenwervelschijf laten plaatsen
en gisteren de Bevrijdingsloop in Holten gelopen”, juicht iemand.
Van Ooij: “Het probleem bij patiënten met ernstige rugpijn is dat ze vaak
nog jong zijn als ze de prothese krijgen. Ze hebben al van alles geprobeerd
en verwachten dan heil van een discusprothese.
Maar die moet bij jonge mensen enorme krachten opvangen en daarvoor is de
prothese te star.”
Van Ooij opereert alleen in heel uitzonderlijke gevallen rugafwijkingen als
gevolg van slijtage. Een operatie is volgens de Nederlandse traditie nodig
als bijvoorbeeld een wervel door overbelasting is gebroken (een
vermoeidheidsfractuur) of als een wervel verschoven is.
Die fixeert hij dan met schroeven en staven.
Een discusprothese gebruikt hij nooit. Van Ooij: “Verzekeraars in Nederland
en ook in de Verenigde Staten vergoeden de ingreep niet. In België en
Duitsland wordt het wel veel gedaan, niet alleen in Alpha-klinik maar ook
elders.
Nederlanders moeten het wel zelf betalen. Het kost zeker 15.000 euro.”
Wegzakken
Zeegers erkent dat de prothese en ook de operatietechnieken in de
eerste jaren nog niet optimaal waren.
Het wegzakken van de prothese in de omgevende wervellichamen is inmiddels
verholpen door de prothese beter op maat te kiezen. Wegglijden gebeurt niet
meer omdat de huidige prothesen stroever zijn. Hij is inmiddels overgestapt
op een ander type prothese, volgens zijn zeggen niet omdat de Charité-
prothese problemen gaf, maar omdat die door zijn anatomische vorm veiliger
en effectiever is.
Zeegers’ collega dr. T. Hoogland van de Alpha Klinik mailt dat er “al circa
20 jaar een persoonlijke vete bestaat tussen Van Ooij, werkzaam in het
nabijgelegen Maastricht, en zijn vakconcurrent Zeegers, destijds werkzaam in
Sittard”. Van Ooij blijft erbij dat het inbrengen van discusprothesen niet
verdedigbaar is zolang de techniek zich niet in langlopend gecontroleerd
onderzoek heeft bewezen. |